Over de familieband tussen mijn vader (A. Haxe 1914-1999)
en Hannie Schaft: mijn grootvader van vaders kant heette: Gerrit Vrijer
(overleden in 1951). Een zus van Gerrit was Aafje Talea Vrijer ( 1885-1971). Dat
was de moeder van Hannie Schaft. Mijn vader studeerde aan de VU voor arts en
heeft in die periode contact gehad met zowel Hannie als met haar moeder. Ik heb
de moeder van Hannie in haar laatste levensjaar 2x ontmoet en herinner me dat
nog goed. Dat mijn vader Haxe heet, komt omdat het huwelijk tussen mijn
grootvader en grootmoeder later werd verbroken waarbij mijn vader de naam van
zijn moeder kreeg.
Sjoerd Haxe.
Belevenissen A. Haxe - 1914-1999 - arts/ psychiater
- periode: 2e wereldoorlog 1940 -1945.
Getrouwd in april 1942 en toen verhuisd naar Santpoort. In Santpoort aangesteld
als arts/psychiater bij Provinciaal Ziekenhuis Santpoort Meerenberg
(psychiatrisch ziekenhuis).
Gedurende de eerste oorlogsjaren slaagden een aantal Joodse mensen er in daar
onder te duiken met behulp van verplegend personeel. Ik herinner mij nog, dat
later na de oorlog toen wij in Eindhoven woonden, we regelmatig bezoek kregen
van de familie Engers die daar ook ondergedoken was geweest en de oorlog
uiteindelijk heeft overleefd.
A.Haxe verhuisde - na Santpoort - naar Den Dolder en is daar werkzaam op de Willem Arntzhoeve (psychiatrisch ziekenhuis).
In maart 1943 wordt daar een razzia gehouden door de Duitsers op zoek naar
Joodse patiënten. A. Haxe en Dr. Van Es weigeren mee te werken, worden
mishandeld en daarna meegenomen naar Zeist naar de marechaussee-kazerne. Ze
verblijven daar 1 nacht en worden daarna op transport gezet naar de
Strafgevangenis in Scheveningen. Ook daar worden ze ondervraagd en slecht
behandeld. Na ongeveer 8 dagen worden ze vrijgelaten en mogen ze naar huis. Wel
worden ze ernstig gewaarschuwd en krijgen het advies zich meer op de hoogte te
stellen van "de Duitse zaak" en eens een Duitse krant te lezen ...
In de periode daarna verhuist A. Haxe naar Medemblik en is als arts/psychiater
werkzaam bij het Provinciaal Ziekenhuis (psychiatrische inrichting) te Medemblik.
Ook daar worden in maart 1944 razzia's uitgevoerd door de Duitsers, die
vooral op zoek zijn naar Joodse patiënten. Weer weigert A. Haxe Joodse patiënten
aan te wijzen. Deze keer heeft het, voor dat moment, geen consequenties omdat de
Duitsers op een andere manier de namen van Joodse patiënten wisten te
achterhalen. Er zijn toen 9 Joodse patiënten meegenomen die later in Auschwitz
zijn vermoord. A. Haxe was dagenlang zeer aangeslagen door het hele gebeuren en
de wijze waarop de Joodse patiënten werden behandeld.
Later, april 1944, melden zich, opnieuw tijdens een razzia, 2 burgers bij de
hoofdingang van het P.Z. Medemblik en informeren of A. Haxe aanwezig is. Zij
doen zich eerst voor als zijnde leden van een medische instantie.
Dat blijkt echter een list te zijn want als A. Haxe zich meldt, blijken het
SD-ers (Nederlanders...!) te zijn die hem arresteren om als gijzelaar naar kamp
Beekvliet te St.Michielsgestel te worden overgebracht. Er zijn toen weer ongeveer
7 Joodse patiënten weggevoerd.
Hij mag nog even naar huis om wat spullen op te halen. Deze arrestatie gaf veel
commotie thuis omdat op dat moment naast zijn vrouw (E. Haxe-Groot) ook zijn
moeder daar was.
Hij wordt eerst vervoerd naar de strafgevangenis in Amstelveen en later
(geboeid...) via tram en trein van Amsterdam naar Beekvliet (St.Michielsgestel)
overgebracht. Daar verblijft hij als gijzelaar enige maanden, komt uiteindelijk
vrij en keert weer terug naar Medemblik.
In januari 1945 volgt er nog een laatste razzia in het P.Z. Medemblik waarbij
veel mensen zich weten te verbergen in alle mogelijke hoeken en gaten van het
gebouw. Helaas worden er toch 3 mensen gevonden (1 verpleger en 2 administratief
medewerkers). Namen: de heren P. Brittijn, R. Oost en W. Boonstra.
Zij worden naar Amsterdam vervoerd en als represaille voor de aanslag op H.A.
Rauter met een aantal anderen in maart 1945 op de Weteringschans gefusilleerd.
Na de Tweede Wereldoorlog verhuist A. Haxe in 1952 naar Eindhoven en in 1960
naar Grave waar hij als geneesheer-directeur van de R.P.I (Rijks Psychiatrische
Inrichting) zijn loopbaan beëindigt. Hij overlijdt op 19 januari 1999 te
Nijmegen.
Bron: E.Haxe-Groot/ S.Haxe.
Gedenkboek Beekvliet/St.Michielsgestel.
Boek: Een Nieuw Medemblikker scharre-zootje.
juni 2009.